vrijdag 7 juni 2013

Hella Hartman als Joodse koloniste in Ariel (IPI)

 
Het-Gesprek_Hella-Hartman
 
 

Hella Hartman in NCRV's Het Gesprek: "We helpen de Arabieren omhoog"

- Door Tjalling. -

Bijna 30 jaar geleden ging de Nederlandse kunstenares Hella Hartman vol idealen naar Israël. Intussen woont ze in Ariel. Frénk van der Linden, specialist in het interviewen, ging aan de vooravond van het bezoek van minister Timmermans aan het Midden Oosten bij Hella op bezoek en had een gesprek met haar, dat op 28 mei in het reportage- en opinieprogramma 'Altijd Wat' van de NCRV werd uitgezonden.

Tijdens dit gesprek werd er openhartig met elkaar van gedachten gewisseld. Toch was men het over en weer bijna nooit met elkaar eens. De achtergronden lagen daarvoor te ver uit elkaar, wat duidelijk bleek uit de vooringenomen manier van vragen. Het standpunt van de interviewer was, dat Ariel bezet gebied is waar niet gebouwd mag worden, en hij wilde weten wat een kunstenares ertoe had gebracht zich in zulk een omstreden plaats te vestigen.

Frénk van der Linden introduceerde de reportage met letterlijk te zeggen: "Jeruzalem, Israël". Opvallend vond ik dat daar niets aan werd toegevoegd. Hierdoor werd mijn motivatie om verder te blijven kijken geprikkeld, want hieruit bleek geen afwijzende houding ten opzichte van Israël. Nog tijdens de introductie vroeg Frénk zich af of het komende bezoek van Frans Timmermans wel nut had na wat zich in de afgelopen decennia allemaal had afgespeeld. Om te weten te komen hoe het daar nu precies zat, zou Timmermans maar het beste een gesprek kunnen voeren met Hella Hartman in Ariel. Daaraan voegde Frénk de opmerking toe, dat Hella zelf ook het probleem belichaamt van wat zich hier afspeelt, en vroeg hij zich af of Hella nu zelf bezetter is geworden. Vanuit die invalshoek werd het gesprek tussen Frénk en Hella dan ook gevoerd.

Het bleek een interview tussen een kritische journalist en een bevlogen bewoonster van Ariel, die ooit linkse politieke idealen had en een scherpe tong. Op verzoek van Frénk had Hella het briefje bij zich wat haar vader onderweg naar het Oosten uit de trein had gegooid. Haar vader is helaas niet teruggekomen. Frénk wilde weten of Hella's voornemen zich in Israël te vestigen gerelateerd was aan haar familiegeschiedenis. Hella bevestigde dat en voegde daaraan toe dat zij als Joodse mensen allen het gevoel hadden dat Israël de enige plek op de wereld was waar alle Joden, die wilden komen, niet alleen welkom, maar ook veilig waren en eindelijk na 3000 jaren dáár zouden blijven. Vanaf dat moment in het gesprek kwamen er twee werelden tegenover elkaar te staan: de vanuit een veilige afstand gevormde redelijk klinkende mening van Frénk tegenover die van Hella, die vanuit een harde realiteit gevormd is. Vanuit de ervaring dat de toenmalige bezetter (Nazi-Duitsland Tj.) het Joodse volk wilde uitroeien kon Hella zichzelf niet als bezetter zien omdat de Joden de Arabieren beslist niet willen uitroeien. Integendeel, Joden willen volgens haar de Arabieren juist omhoog helpen door met hen samen te werken.

Het is niet de bedoeling om het hele vraaggesprek in detail weer te geven, maar één saillant detail wil ik toch nog noemen. Bijna aan het eind van de reportage zegt Hella "Niet alleen door te bouwen, je moet je niet zo op één ding…". Ze werd onderbroken maar het was overduidelijk dat Hella vond dat Frénk de focus teveel op het bouwen in omstreden gebied legde.

Frénk stelde zijn vragen weliswaar vanuit een gematigde maar toch ook iets vooringenomen visie, namelijk dat het bouwen in omstreden gebied de Palestijnen woedend maakt, waardoor het probleem alleen maar erger wordt. Hij ging daarbij wel met belangstelling in op wat Hella antwoordde. Heel belangrijk in dit gesprek was het verschil in opvatting en benadering van het begrip veiligheid. Voor Hella heeft dat een heel andere betekenis dan Frénk. Die kloof valt ook bijna niet te overbruggen, maar het verschil had wel iets beter toegelicht kunnen worden. Joden werden tijdens de Tweede Wereldoorlog uitgeroeid en de omgeving van Israël staat nog steeds heel vijandig tegenover de Joodse staat. Het is niet meer dan logisch dat veiligheid hen voor alles gaat. Heel veel niet-Joodse mensen kunnen zich dit niet goed indenken omdat zijzelf nooit zijn bedreigd met vernietiging. Zij relativeren de noodzaak van veiligheid te gemakkelijk op een manier die Joden zich niet kunnen veroorloven. Bovendien mag bij het gebruiken van de term bezetter nooit voorbijgegaan worden aan wat onder verantwoordelijkheid van de Nazi's is gebeurd.

Aan de andere kant, Hella begrijpt op haar beurt de zorgen die Frénk zich om haar en haar woonplaats maakt ook beslist niet. Ze wuift die te gemakkelijk weg of ontkent alles wat Frénk suggereert om te komen tot een oplossing voor de toekomst. Zij ziet die oplossing overigens wel, namelijk door heel veel geduld te hebben en alles op een heel zacht pitje te zetten komt het volgens haar op den duur wel goed. De vraag die hierbij rijst is dan wel wat Hella hiermee precies bedoelt. Stapje voor stapje verder bouwen en nieuwe nederzettingen stichten? Daarmee zou er misschien meer veiligheid voor Israël komen, maar het Palestijnse probleem wordt daarmee zeker niet opgelost. En uiteindelijk kan dat ook weer ten koste gaan van Israëls veiligheid.

Het was waarschijnlijk niet de bedoeling van het gesprek om te komen tot een oplossing, wel een openhartig luisteren naar elkaar. Dat is er ook van gekomen, waardoor het gesprek tot z'n recht kwam. Wel miste ik bij dit alles een soort van begeleidend of oriënterend 'commentaar'. Het Midden-Oosten conflict is heel gecompliceerd en zeker niet makkelijk op te lossen. Daarom was het beter geweest om in zo'n commentaar aan te geven dat werkelijke oplossingen alleen dan mogelijk zijn wanneer de Arabieren duidelijk verklaren dat zij het bestaan van een Joodse staat accepteren en afzien van hun onmogelijke voorwaarde dat alle Palestijnse vluchtelingen terug zouden moeten keren naar Israël.

Als de Arabische landen, inclusief het beoogde Palestina, werkelijk met die voorwaarden akkoord zullen gaan, dan kan een constructieve vredesoplossing mogelijk zijn die tegelijk ook de mogelijkheid tot samenwerking met zich mee kan brengen. Israël zou dan moeten afzien van verdere bouwplannen op de Westbank, en delen van de Westbank die om veiligheidsreden niet kunnen worden afgestaan, uitruilen tegen andere gebieden die nu nog Israël zijn. Bovendien had ook genoemd moeten worden dat Ariel, zoals is vastgesteld in de Oslo-akkoorden, in de C- gebieden ligt en daarom onder Israëlische militaire en civiele verantwoordelijkheid valt. Ook is in die akkoorden vastgelegd dat de toekomst van Ariel afhankelijk is van de toekomstige bilaterale verdragen tussen de Palestijnse Autoriteit en Israël. In het gesprek zei Frénk namelijk tegen Hella ella dat in geval van een twee statenoplossing de Joodse inwoners dan Ariel zouden moeten verlaten. Die opmerking was dus te voorbarig, al is de ligging van Ariel zo diep in de Westbank zeker problematisch.


Bronnen

 

donderdag 6 juni 2013

Qanta Ahmed, een onwaarschijnlijke verdediger van Israël

 
Qanta Ahmed. "Ik heb empathie voor beide zijden - maar ik denk dat Israël onfair wordt afgebeeld." Foto door Tomer Applebaum
 

De vele gezichten van Dr Qanta Ahmed, een onwaarschijnlijke verdediger van Israël

Ahmed, een slaapstoornisspecialist, wordt er vaak van beschuldigd een 'zionist in een moslim gedaante' te zijn. En haar critici kregen meer munitie deze week toen ze aankwam in Israël voor haar allereerste bezoek.

Vertaald uit Ha'aretz

Geschreven door Judy Maltz, 31 mei 2013

Dr. Qanta Ahmed tart de meeste bekende stereotypen. Ze is een fervent verdediger van Israël, maar ook een zeer toegewijde moslima. Ze heeft een boek geschreven over sekse-discriminatie in Saoedi-Arabië, maar maakt er een punt van haar eigen armen en benen te bedekken (zij het met modieuze nauwsluitende jeans en een stijlvolle witte blazer, met tenen en nagels gelakt in bijpassende kleur), met inachtneming van de islamitische religieuze wet.

Ze leidt ook een nogal onconventionele levensstijl voor een religieuze moslima, gezien het feit dat ze op de leeftijd van 44 jaar nooit getrouwd is geweest, en ze besteedt een groot deel van haar tijd aan het reizen over de hele wereld. Ze is bekend om haar luidruchtige aanvallen op de politieke islam, maar is nog steeds een welkome gast – voorlopig althans – in landen als Saoedi-Arabië, Pakistan en de Verenigde Arabische Emiraten.

Ze is de dochter van onteigende Pakistaanse moslims, maar heeft de neiging om zich meer te identificeren met onteigende Joden dan met onteigende Palestijnen. Ze geeft toe dat ze zeer geïmponeerd is na elke ontmoeting met Israëli's, maar ze neemt geen blad voor de mond als het gaat over de gevaren van de bezetting. En ze is niet minder woedend om Amerikaanse drone aanvallen op onschuldige burgers in Pakistan dan is ze vanwege radicale islamitische aanslagen op Amerikaanse doelen op 9/11 – en, overigens, ze heeft slachtoffers aan beide kanten behandeld.

Ahmed is hier op haar eerste bezoek aan Israël en is behoorlijk verbaasd over wat ze tot nu toe gezien heeft. Het is een bezoek dat al een paar jaar gepland was, zo vertelt ze in een interview met Ha'aretz, in het huis van enkele van haar goede vrienden in Israël, tijdens een kort intermezzo in haar zeer drukke verblijf van twee weken.

"Ik had ernstige zorgen, want ik reis veel in de islamitische wereld, dus ik wilde ervoor zorgen dat ik alle juiste documenten bij me had toen ik kwam, maar ik was niet van plan om mijn reis hier geheim te houden," zegt de Brits-geboren arts gespecialiseerd in slaapstoornissen. Momenteel woont ze in Manhattan, waar, naast het runnen van een eigen praktijk, ze associate professor in de geneeskunde is aan de State University van New York (Stony Brook). "Ik ben niet bezorgd over mijn veiligheid omdat ik in Israël ben, maar ik ben bezorgd over mijn veiligheid omdat er mensen zijn in deze betwiste gebieden – laten we ze zo noemen – over wie ik openlijk kritisch ben geweest".

Ondanks haar persoonlijke wortels en uitgebreide reizen in de islamitische wereld, vertelt Qanta Ahmed dat ze pas in de afgelopen jaren geïnteresseerd raakte in Israël, als gevolg van een vriendschap die ontstond met een in Zuid Afrika geboren Joods-Amerikaanse filantroop wiens zuster in Ra'anana leeft. Direct ontstond er een "klik". "Uit de mond van een Israëli te horen over Israël is de beste manier om over het land te leren", zegt ze.

Die filantroop is Leslie Sachs, de oprichter en financier van Women's Voices Now, een organisatie die streeft naar het verbeteren van de status van vrouwen in de islamitische wereld door middel van een jaarlijks filmfestival (Ahmed is lid van het bestuur). Zijn zus is Caron Bielski, voorzitster van Beit Issie Shapiro, een belangrijke Israëlische liefdadigheidsinstelling grotendeels geleid door Anglo-Saksen, ten bate van gehandicapten. Caron is ook de vrouw van de voormalige voorzitter van de Jewish Agency en ex-Kadima MK [Knesset lid] Ze'ev Bielski, die onlangs zijn plan hervatte om zich beschikbaar te stellen als burgemeester van Ra'anana, een functie die hij van 1989-2005 heeft vervuld.

"Ik ontmoette Caron door Leslie, en ik raakte helemaal betoverd," vertelt Ahmed. "Ze is nu een van mijn beste vrienden". Omdat ze vaak er van wordt beschuldigd een "zionist in islamitische vermomming" te zijn, wil Qanta Ahmed haar critici laten weten dat, hoewel ze verblijft in het huis van deze Israëli's met zeer goede connecties, haar reis volledig werd betaald uit haar eigen zak en niet door een organisatie of stichting geïnteresseerd om haar te gebruiken voor publieke diplomatie. Noch accepteert ze geld voor haar spreekbeurten geboekt tijdens haar verblijf in het land (inclusief spreekbeurten in Beit Issie Shapiro, de Menachem Begin Heritage Center, Bar-Ilan Universiteit en het Interdisciplinair Centrum, Herzliya).

Deze reis, Ahmed is zich er goed van bewust, kan haar uiteindelijk met meer dan alleen de financiële kosten belasten, maar ze is hiertoe bereid: "Rondreizen in de islamitische wereld kan nu zeker een probleem worden, maar ook voor deze reis, als je niet openlijk Israël veroordeelde of een neutrale mening gaf van Israël, dan werd je beschouwd als pro-Israël en dat veroorzaakte veel problemen", zegt ze. "Dus wie weet? Dingen kunnen heel ongemakkelijk voor mij worden na deze reis, maar ik denk niet dat dat een reden is om niet te komen".

Vooral, voegt ze eraan toe, als niet hier komen kan worden geïnterpreteerd als meedoen aan de boycot tegen Israël, waarvoor zij bijzonder harde woorden heeft: "Eén ding waaraan ik niet bereid om aan mee te doen, is het massa denken – dat omdat Israël een bezetter is en dat omdat de Israëli's niet worden erkend door de helft van de islamitische landen, ik me niet met hen zal inlaten. Ik speel dat spel niet. Ik voel empathie voor beide partijen – maar ik vind dat er een oneerlijk beeld wordt gegeven, een klakkeloze laster van Israël in bijna elke discussie".

Ahmed vervolgt: "Ik heb Joods-Amerikaanse vrienden. De man is Joods van geboorte en zijn vrouw heeft zich bekeerd. Ze weigeren naar Israël te komen, omdat ze niet gelukkig zijn met de situatie. Weet je wat? Ik moest naar Mekka, en ik hou niet van wat er daar gebeurt, maar ik ga er heen. Als je dingen vooruit wil helpen, moet je komen en met elkaar omgaan".

Familie-ervaringen

Ahmed, die al 20 jaar als arts werkt, groeide op in Groot-Brittannië, waar ze afstudeerde aan de Universiteit van Nottingham en tegenwoordig een ere-professoraat aan de School of Public Health aan de Glasgow Caledonian University vervult. In de afgelopen jaren is zij ook begonnen te schrijven, en publiceert regelmatig bijdragen aan de Huffington Post en USA Today over onderwerpen betreffende de Midden-Oosten politiek als ook de volksgezondheid. Na een jaar les geven in de geneeskunde in Saoedi-Arabië, schreef ze haar eerste boek, "In the Land of Invisible Women: A female doctor's journey in the Saudi Kingdom" (Sourcebooks, 2008).

Haar visie op het Israëlisch-Palestijns conflict, zegt ze, is sterk beïnvloed door ervaringen van haar eigen familie.

"Toen India en Pakistan opeens werden gedeeld door partitie [in 1947], werden mijn ouders – die waren kleine kinderen toen – meteen verplaatst omdat ze zich in hindoe-grondgebied bevonden", herinnert Ahmed. "Toen ik in Saoedi-Arabië woonde of reisde naar andere landen in deze regio, was een van de meest hartstochtelijke dingen die ik hoorde dat, als gevolg van Israël, de Palestijnen waren verdreven uit hun huizen en van hun grond".

"Ik weet niet genoeg details over het Israëlisch-Palestijnse conflict of met enige vorm van gezag, maar ik weet wel hoe het was voor mijn ouders om te vertrekken met hun ouders omdat er nieuwe grenzen waren gekomen, en ik heb gezien hoe zij hun leven weer hebben opgebouwd na het migreren. Ik zie ook hoe mensen naar Israël kwamen, sommigen na amper de Holocaust te hebben overleefd, naar een land waar ze niet gewend waren aan het klimaat en waar ze geen familie hadden, en toch zijn ze op de een of andere manier er in geslaagd om deze bijzondere, gecompliceerde natie op te bouwen. Sommige mensen zullen denken dat het een oneerlijke vergelijking is, maar zowel Israël als Pakistan werden gecreëerd om een minderheid te beschermen waarvan de wereldmachten geloofden dat ze werden vervolgd".

Rechtvaardigt dit de Israëlische bezetting? Nee, antwoordt Ahmed, die de bezetting beschrijft als "verschrikkelijke last" zowel voor de Palestijnen en als voor Israël. "Degenen die bezet zijn, zijn niet vrij en niet autonoom, maar de bezetting is ook een last voor Israël om dezelfde redenen als het was voor de VS in Irak – het gaat om enorme kosten, een enorme prijs en enorme risico's".

Toch, geeft Ahmed toe, is ze niet zeker wat het alternatief is: "Ik ben goed bekend met jihadistische ideologie en zelfmoordaanslagen in Pakistan, dus ik weet niet wat je kunt doen afgezien van het bouwen van een muur om het Israëlische grondgebied te beschermen. Hoe kan je afzien van controle als er een virulente jihadistische ideologie bestaat en vele moslim-leiders buiten de regio zeggen dat niet alleen Israël niet erkend kan worden, maar het helemaal niet eens mag bestaan?"

Haar professionele medische werk, zegt ze, heeft ook geholpen bij het vormgeven van haar politieke denkrichting. In de afgelopen jaren, in haar slaapstoorniskliniek, begon ze politieagenten, brandweerlieden en andere personen te behandelen die eerste en tweede responders waren toen de Twin Towers instortten in New York op 11 september 2001. "Het maakte dat ik me nog meer wilde inzetten om een onderscheid te maken tussen de gewelddadige politieke islamistische ideologie en de geweldloze politieke islam enerzijds en anderzijds wat ik zie als mijn geloof, want ik zie het lijden veroorzaakt door deze afwijkende ideologie", legt ze uit.

Ahmed heeft niet alleen kritiek op de radicale islam, maar bekritiseert ook fel haar geadopteerde vaderland vanwege de drone aanvallen op de tribale gebieden van Pakistan. "Ik heb grote gebieden gezien met patiënten die lijden aan PTSS als gevolg van deze aanvallen," vertelt ze, "maar verlaat ik de VS, omdat ze deze barbaarse techniek ongestraft gebruiken? Nee, ik blijf en probeer de mensen te informeren. En trouwens, dat is ook hoe ik me voel over Israël".

Als er één ding is dat bovenal indruk op haar maakte in Israël, zegt Ahmed, is het de mate van religieuze vrijheid en pluralisme genoten in het land. "Eén ding waarover je je niet kan beklagen hier, is het recht je godsdienst te belijden zoals het je goed dunkt," merkt ze op.

Als haar gezegd wordt dat veel Israëli's die uitspraak bijna lachwekkend zouden vinden, gezien de recente strijd over de rechten van vrouwen om op hun manier te bidden bij de Klaagmuur, antwoordt ze: "Ik heb deze argumenten gehoord in de liberale synagogen in Long Island, en ik raakte erg geïntrigeerd. Maar het feit is dat vrouwen bij de muur kunnen bidden. In Saoedi-Arabië, in Mekka, zijn er nu plannen om in te perken waar vrouwen mogen bidden. Amerikaanse Reform Joden die klagen dat ze niet hier officieel worden erkend, nodig ik uit uit om delen van de wereld te bezoeken die ik heb gezien, waar godsdienstvrijheid volledig ontbreekt. Er is geen sprake van enige vergelijking. Het is absoluut niet te vergelijken".

 

woensdag 5 juni 2013

Waarom Abbas zijn nieuwe premier van de Palestijnse regering koos

 

De Palestijnse Autoriteit heeft een nieuwe premier, nadat president Abbas Fayyad de laan uitstuurde. Het is opvallend hoe weinig media aandacht het gedwongen vertrek van Fayyad, een lieveling van het Westen, kreeg. Fayyad bestreed de corruptie binnen de PA en daar waren Abbas en andere hooggeplaatste Fatah figuren niet bepaald blij mee, aldus Toameh.  

But in the end Abbas and Fatah got exactly what they wanted. Not only did they manage to get rid of Fayyad, but the man who has been chosen to replace him will be less problematic than Fayyad.

For Abbas and Fatah, Fayyad, a widely respected economist, posed a real problem and threat. As long as Fayyad was prime minister, it was almost impossible for Abbas and Fatah to lay their hands on hundreds of millions of dollars of international aid.

 

Abbas wordt in Nederlandse media zelden of eigenlijk nooit serieus bekritiseerd. Hij is altijd de welwillende maar machteloze president die voor de onmogelijke taak staat de Israelische bezetting te beëindigen en een soevereine Palestijnse staat op te richten. Over zijn eigen aandeel in het voortduren van het conflict en dus de bezetting, en de lijst van voorwaarden die hij steeds weer stelt voordat er uberhaupt gepraat kan worden, lezen we eigenlijk nooit in de reguliere media.

Yet more important than getting rid of Fayyad was finding an uncharismatic and inexperienced figure who would play the role of the loyal and dutiful servant of Abbas and Fatah leaders.

 

In een democratie zoeken regeringen juist competente leden en worden premiers doorgaans gekozen en hebben dan ook macht. Maar de PA is geen democratie, en Abbas, die in 2005 werd gekozen, lijkt niet van plan spoedig nieuwe verkiezingen uit te schrijven. Het Westen dringt daar ook niet echt op aan. In diverse Arabische staten benoemen de koningen of presidenten kleurloze ja-knikkers op belangrijke posten, zodat ze niks te vrezen hebben. Dat het voor een goed bestuur veel beter zou zijn om een competent iemand met ervaring op zo'n post te hebben zitten, is niet belangrijk. Niet het belang van het volk, maar dat van de machthebbers geeft immers de doorslag. 

 

RP

-----------

 

Palestinians: Why Abbas Chose This Prime Minister

http://www.gatestoneinstitute.org/3747/rami-hamdallah-appointment

by Khaled Abu Toameh
June 3, 2013 at 5:00 am

As long as Fayyad was prime minister, it was almost impossible for Abbas and Fatah to lay their hands on the hundreds of millions of dollars of international aid. Unlike Fayyad, Hamdallah will serve as the obedient and faithful servant of Abbas, as well as the Fatah and PLO leadership. On the political arena, the appointment will have no impact whatsoever.

The appointment of Palestinian academic Rami Hamdallah as Palestinian Authority Prime Minister is a big victory for Mahmoud Abbas and his Fatah faction.

Hamdallah, who had served as president of An-Najah University since 1998, has been chosen by Abbas to replace Prime Minister Salam Fayyad, who decided to quit in April following years of tensions and disagreements with the Palestinian Authority president and Fatah.

Abbas and Fatah want a weak prime minister who would never pose a threat to their hegemony over the Palestinian issue.

Until last week, many Palestinians were convinced that Abbas would be forced by the US Administration and the Europeans to keep Fayyad in office.

Western donors even threatened to suspend financial aid to the Palestinian Authority if Abbas insisted on removing Fayyad.

But in the end Abbas and Fatah got exactly what they wanted. Not only did they manage to get rid of Fayyad, but the man who has been chosen to replace him will be less problematic than Fayyad.

For Abbas and Fatah, Fayyad, a widely respected economist, posed a real problem and threat. As long as Fayyad was prime minister, it was almost impossible for Abbas and Fatah to lay their hands on hundreds of millions of dollars of international aid.

Fayyad was not only blocking Abbas and Fatah from seizing the funds; he was also beginning to pose a political challenge to them.

Abbas and Fatah leaders in the West Bank suspected that Fayyad had political ambitions, including running one day in a presidential election.

Yet more important than getting rid of Fayyad was finding an uncharismatic and inexperienced figure who would play the role of the loyal and dutiful servant of Abbas and Fatah leaders.

If getting rid of Fayyad was a victory, the appointment of Hamdallah, a "yes man" with no political experience, is even a bigger achievement.

Abbas wanted and finally got a prime minister who will play the same role as the prime ministers of Jordan and other undemocratic Arab countries.

Unlike Fayyad, Hamdallah will now serve as the obedient and faithful servant of Abbas, as well as the Fatah and PLO leadership.

This is exactly what they have wanted -- a powerless prime minister who would rubber-stamp their decisions and plans.

In this regard, Hamdallah will not be different from any official working in Abbas's office. In fact, some Palestinians reacted jokingly to the appointment by saying that a secretary in Abbas's office has more powers than the new prime minister.

On the political arena, the appointment of Hamdallah will have no impact whatsoever.

The PLO is the only party authorized to negotiate with Israel. PLO leaders, including Abbas, never allowed Fayyad to be part of the negotiations with Israel. Of course, they will never permit someone like Hamdallah, who has zero experience in the peace process, to be involved.

The appointment of Hamdallah does not mean anything for the peace process. Moreover, it will not bring about real changes, if any, in the Palestinian Authority's economic and security strategies.

The appointment of Hamdallah shows that Abbas continues to act as if the Palestinian Authority is his private fiefdom. PLO leaders said that Abbas failed to consult with them about the appointment of the new prime minister, the same way he keeps them in the dark about many things, including U.S. Secretary of State John Kerry's efforts to resume the peace process with Israel.

If anything, the appointment of Hamdallah serves to reinforce his status as an unelected dictator whose only goal is to remain in power for as long as possible.

 

dinsdag 4 juni 2013

Palestijnse Autoriteit hindert onafhankelijke verslaggeving

 
Niet alleen Palestijnse maar ook Westerse journalisten worden door de Palestijnse Autoriteit onder druk gezet om alleen over de bezetting te schrijven en geen kritische stukken over Abbas of de PA.
 
-------------

 

Palestijnse Autoriteit hindert onafhankelijke verslaggeving

Door: YOCHANAN VISSER EN YA'ACOV SIEPMAN

 

 

 Khaled Abu Toameh.

http://christenenvoorisrael.nl/2013/05/palestijnse-autoriteit-hindert-onafhankelijke-verslaggeving/   

De Palestijnse Autoriteit (PA) voert een intimidatiecampagne tegen journalisten en bloggers die de waarheid bekend durven maken. Hun nieuwste slachtoffer is de Palestijnse verslaggever van The Jerusalem Post, Khaled Abu Toameh.

Het Midden-Oosten wordt rustiger. Nee, zwaarden worden niet tot ploegscharen omgesmeed. Het is niet dat soort rust. In plaats daarvan wordt het geluid van de waarheid langzaam tot zwijgen gebracht. Het gebeurt niet alleen omdat de PA sterker wordt, maar ook omdat het westen zwakker wordt.

Dertig jaar geleden hield de jonge Arabische journalist Khaled Abu Toameh op met werken voor PLO-mediakanalen. Zij stonden verslaggeving van wat Abu Toameh als nieuws zag dat de mensen moesten weten, niet toe. Men zei hem dat hij door Arabisch leiderschap gedicteerde woorden uit hun verband moest nemen en die in verhalen moest verweven. Daarna werden dan die artikelen gepubliceerd onder een kop waar zijn naam bij stond.

Het waren niet zijn woorden, en het was niet het nieuws. Om die reden zocht hij naar kanalen bij westerse media die hem toestonden datgene te schrijven en daarover te spreken, wat de mensen moesten weten.

In die dertig jaar zijn de media in de PA niet opener geworden. Integendeel, het PA-leiderschap is vastberadener geworden op het gebied van mediacensuur. De westerse media – hetzij door fysieke of morele uitputting – laten de PA-mediacensuur voor wat het is, zodat de kernvrijheden van journalistiek worden aangevreten, zowel bij gesproken als geschreven woord.

Onder het Strafreglement van de PA kunnen verdachten van laster gearresteerd worden en tot zes maanden vastzitten voordat zij van misdaad beschuldigd worden. (Dit Strafreglement dateert nog uit de tijd toen Jordanië illegaal de gebieden bezette.)

Arrestaties
Esmat Abdul-Khalik, lector aan de Al Quds universiteit en alleenstaande moeder van twee kinderen, werd in maart gearresteerd. Zij werd in eenzame opsluiting gehouden en haar werd de mogelijkheid van bezoek geweigerd. Waarom? Omdat iemand anders op haar Facebookpagina PA-president Mahmoud Abbas had bekritiseerd door hem een verrader te noemen en te suggereren maar af te treden.

Abdul-Khalik is niet de enige Arabische persoon die pas geleden werd gearresteerd vanwege Facebookactiviteit. Op zijn minst drie anderen werden onlangs opgepakt omdat zij kritiek durfden te leveren op leden van de regering.

In september vorig jaar werd de directeur van Radio Bethlehem 2000, George Canawati, gearresteerd. Op zijn Facebookpagina had hij kritiek geuit aan het adres van de Bethlehemse wethouder voor gezondheidszorg. Vorige maand stelden de Palestijnse rechterlijke en uitvoerende macht vast dat Canawati voor laster berecht zal worden door de politierechtbank van Bethlehem. Deze misdaad kan tot twee jaar gevangenisstraf opleveren. De rechtszaak is pasgeleden verdaagd tot september 2013.

Kort geleden werden bij elkaar negen journalisten gearresteerd. Omdat zij op Facebook corruptie hebben onthuld of kritische opmerkingen over het PA-leiderschap hebben gemaakt. Veel anderen zijn opgeroepen voor ondervraging.

Wanneer op Facebook geplaatste stukken met kritiek op de regering niet aan censuur ontkomen, dan kun je er zeker van zijn dat niemand het risico wil lopen waarheidsgetrouwe mediaverslagen over het onderwerp in te dienen.

Druk op westerse journalisten
Maar net zo schrikaanjagend als de arrestatie van Palestijnse bloggers en journalisten om wat zij op Facebook zetten, is de gestage druk die leidt tot een afname van verslaggeving door westerse journalisten. Zij zijn, zoals je mag veronderstellen, niet zo kwetsbaar voor de onvoorspelbare strafselecties die bedoeld zijn om kritiek op het regerend regiem te onderdrukken.

Daar komt bij dat de gefluisterde discussies in Ramallah over de 'Facebookpolitie' niet op zichzelf staan: westerse journalisten krijgen instructies om hun verslaggeving op 'Israëls bezetting' te richten, en zich te onthouden van bemoeienis met vermeende corruptie door PA-ambtenaren. 'Niets anders dan het eerste is nieuwswaardig, en over niets anders zou gerapporteerd moeten worden.'

Verschillende westerse journalisten zijn gewaarschuwd voor samenwerking met Arabisch sprekende verslaggevers. Met name die verslaggevers die falen zich oppervlakkig met 'te allen tijde alleen bezetting' rapportage bezig te houden.

Op deze manier controleert de PA niet alleen de eigen media kanalen, maar ook de westerse. Al te veel verslaggevers hebben zich neergelegd bij de PA-regels. Zij doen dit liever dan opkomen voor persvrijheid en vrijheid van meninguiting, waardoor ze mogelijk de toegang tot PA-gebieden kwijtraken.

De journalisten die zich goed gedragen en hoofdzakelijk over de bezetting schrijven, worden als beloning toegelaten tot hogere regeringsambtenaren. Hogere PA-regeringsbeambten zeiden tegen de Arabische Israëlische journalist Abu Toameh: "Zelfs de Joden die voor Ha'aretz werken, gedragen zich. Om die reden worden ze beloond met interviews met PA-president Mahmoud Abbas."

Grootschalige intimidatie
Het zijn niet alleen individuele journalisten die geïntimideerd worden: hele nieuwssites op het internet die kritisch zijn richting de PA, zijn geblokkeerd. Uit een verslag van april bleek dat verschillende websites die corruptie binnen PA-gelederen aan de kaak hadden gesteld, geblokkeerd waren. Ook de site van Inlight Press, die naar buiten had gebracht dat de PA telefoongesprekken van tegenstanders van Mahmoud Abbas afgeluisterd had.

Meer nog, in mei begon het Palestinian Journalists Syndicate (Palestijnse belangenvereniging van en voor journalisten, PJS) feitelijk Palestijnse journalisten af te straffen. Waarom? Omdat zij Israëlische collega's ontmoetten tijdens een serie georganiseerde seminars in Europa, en met hen samenwerkten. Het doel van deze seminars was om vrijheid van meningsuiting te bevorderen en de samenwerking te intensiveren.

De PJS is aangesloten bij de PA en wordt door de Fatahpartij van Abbas overheerst. Het kantoor van de president in Ramallah krijgt rechtstreeks alle PJS-verslagen binnen.

Degenen die zich niet aan de eis van het Syndicate houden – dus de PA niet onverdeeld toegewijd zijn en Abbas de lof ontzeggen – worden bedreigd met uitzetting uit het Syndicate. Dit valt samen met een boycot door alle PA-kranten en andere Palestijnse mediakanalen.

Onevenredige kritiek
Er is duidelijk sprake van toenemende intimidatie en pesterij, zowel in aantal als in de breedte. Het is echter ironisch dat dit in dezelfde tijd gebeurt waarin de PA Israël bekritiseert over het heroverwegen van e-mailberichten van hen die Israël willen binnenkomen, om vast te stellen of de reizigers mogelijk een bedreiging voor de veiligheid zijn.

De alom gehoorde klacht over de Israëlische arrestatie en hechtenis van Arabische journalisten brengt zelden naar voren – hoewel onder hen gelegenheidsjournalisten kunnen zitten – dat de reden voor hun hechtenis met de veiligheid te maken heeft. Zij werden niet gearresteerd om de mening die zij uiten, en zeker niet vanwege kritiek op Israëlische regeringsambtenaren.

Per slot van rekening is het niet te vergelijken met het de mond snoeren van Arabische 'waarheidsvertellers', als zou het gaan om een slechte pers voor de Israëlische regering. Daarvoor kun je elke dag van de week een Ha'aretz kopen, of een abonnement nemen op de eindeloze stroom van persberichten die de vele nongouvernementele organisaties laten uitgaan. (Deze ngo's worden door Europese regeringen gefinancierd en staan alle overwegend vijandig tegenover de Joodse staat.)

Onmogelijk werken
Dus na dertig jaar komt Khaled Abu Toameh erachter dat het pad dat hij insloeg, weg van censuur, zichzelf aan het opheffen lijkt te zijn. In plaats van vastberaden doorlopen op het zo gewaardeerde pad van westerse vrijheden van een ongebonden pers en vrijheid van meningsuiting, ziet Abu Toameh dat pad onder zijn voeten wegrotten.

Voor deze zeldzame waarheidsgetrouwe journalist wordt het steeds moeilijker om te rapporteren over de corruptie en het gebrek aan persvrijheden in de PA.
Als gevolg daarvan wordt het rustiger in onze nieuwswereld. Maar het is er daar zeker niet beter op geworden.

Op zijn eigen Facebookpagina plaatste Abu Toameh de volgende stille hartenkreet:
"Een campagne van intimidatie, pesterij, druk, bedreigingen en boycots heeft het voor een Arabische journalist onmogelijk gemaakt in de gebieden onder PA-bestuur te werken."

Dit artikel verscheen eerder op The Algemeiner.

 

maandag 27 mei 2013

Israël valselijk beschuldigd van apartheid (Kenneth Meshoe)

 
Dr. Kenneth Meshoe
 

Door dominee Dr Kenneth Meshoe, lid van het Zuid-Afrikaanse parlement en voorzitter van de Afrikaanse Christelijke Democratische Partij. Vertaald uit het Engels.


 
Pro-Palestijnse advertenties geven valse voorstelling van Apartheid

Bron: San Francisco Examiner, 15 mei 2013

Tijdens mijn recent verblijf in San Francisco, was ik diep geschokt door de posters in de stad die Israël beschuldigen van apartheid.

Als een zwarte Zuid-Afrikaan die onder de apartheid heeft geleefd, weet ik dat dit systeem in Zuid-Afrika was ingevoerd om gekleurde mensen te onderwerpen en hun allerlei rechten te onthouden. In mijn ogen valt Israël niet te vergelijken met de apartheid in Zuid-Afrika. Degenen die een dergelijke beschuldiging uiten, tonen hun onwetendheid van wat apartheid werkelijk inhoudt. Apartheid was een wettelijk systeem van segregatie en onderdrukking op basis van huidskleur, terwijl een zeer kleine blanke minderheid domineerde over de overgrote meerderheid van de mensen van kleur.

Als zwarte Zuid-Afrikaan onder apartheid, kon ik niet mijn stem uitbrengen, noch kon ik vrij reizen door het landschap van Zuid-Afrika. Geen enkele persoon van kleur kon hoge overheidsposities innemen. De rassen werden strikt gescheiden in sportstadions, openbare toiletten, scholen en het openbaar vervoer. Mensen van kleur hadden inferieure ziekenhuizen, medische zorg en onderwijs. Als een witte dokter bereid was om een zwarte patiënt te accepteren, moest hij hem of haar onderzoeken in een achterkamer of een andere verborgen plaats.

Tijdens mijn vele bezoeken aan Israël heb ik niets gezien van de hier bovenstaande beschreven voorbeelden. In het Israëlische rechtssysteem zijn gelijke rechten vastgelegd in de wet.

Zwart, bruin en wit, Joden en de Arabische minderheid mengen vrijelijk in alle openbare plaatsen, universiteiten, restaurants, stembureaus en het openbaar vervoer. Alle mensen hebben het recht om te stemmen. De Arabische minderheid heeft eigen politieke partijen, zitten in het Israëlische parlement (Knesset) en heeft hoge posities in ministeries, de politie en de veiligheidsdiensten. In ziekenhuizen liggen Palestijnse patiënten in bed naast Israëlische Joden; Artsen en verpleegkundigen kunnen in dezelfde mate Israëlische Arabieren als Joden zijn. Ik begrijp ook dat een Israëlische Arabische rechter de rechtspraak leidde in de zaak van de voormalige Israëlische president Moshe Katsav, die werd veroordeeld wegens wangedrag. Een Ethiopische Jodin won onlangs de titel van Miss Israël.

Geen van deze voorbeelden was wettelijk toegelaten in apartheid Zuid-Afrika!

Ik vind dat het lasterlijk en bedrieglijk is om de maatregelen betreffende Israëlische zelfverdediging tegen de campagnes van terroristen, zelfmoordaanslagen, raketaanvallen en andere daden van terrorisme die zich hebben voorgedaan, en zich blijven voordoen, worden bestempeld als apartheid. Ik ben geschokt door de bewering dat de vrije, diverse, democratische staat Israël apartheid toepast. Deze belachelijke beschuldiging bagatelliseert het begrip apartheid, minimaliseert en ontkent de omvang van het racisme en het doorstane lijden van gekleurde Zuid-Afrikanen.

Ik roep alle mensen, met name jongeren, op om Israël te bezoeken en zelf te leren van de feiten, zodat ze vol vertrouwen deze valse beschuldigingen betreffende Israël kunnen weerleggen.

De onjuiste toepassing van het begrip apartheid is een aanfluiting van een pijnlijke onrechtvaardigheid en dreigt de ware betekenis van het woord te ondermijnen.

In mijn ogen vormt Israël juist een voorbeeld van democratie, integratie en pluralisme dat kan worden nagebootst door vele naties, met name in het Midden-Oosten.

Vetaling: Likoed NL, 26 mei 2013

 

vrijdag 24 mei 2013

De objectiviteit van de NOS, of wat daar nog van over is (IMO)

 
Kerry-Netanyahu
 
 

= IMO Blog =

De NOS, 23 mei, audio-fragment. Nieuwslezeres:

"Zal het Kerry lukken, iets wat zijn voorgangers niet voor elkaar kregen, het vlottrekken van het vredesproces tussen Israel en de Palestijnse gebieden, of wat daar nog van over is?"

Bedoelt ze wat er nog over is van de Palestijnse gebieden nu het vraatzuchtige Israel er maar land vanaf blijft snoepen, of bedoelt ze wat er nog over is van het vredesproces? Bij de NOS weet je het tegenwoordig niet meer, want de tendens is steeds dat het allemaal aan Israel ligt.

"Spreken Israel en de Palestijnen überhaupt nog van een vredesproces?", vraagt de lezeres aan Monique van Hoogstraten, correspondent in Israel:

Nee, ik kan me niet herinneren wanneer ik dat woord hier voor het laatst heb gehoord, alleen in negatieve betekenis, dat het dood is of opgestart moet worden maar zelfs dan spreekt men eigenlijk niet van het vredesproces (…) Het woord 'vrede' valt wel, men zegt vrede te willen, wat dat dan ook inhoudt. Maar proces, nee, dat is vervloekt, vooral bij de Palestijnen, want voor hen betekent dat dat er niks gebeurt.

Altijd even goed duidelijk maken hoe de Palestijnen het zien, en hoe zij dingen ervaren en wat hun grieven zijn, dat weten de luisteraars namelijk nog veel te slecht.

Nadat is uitgelegd hoeveel moeite Kerry zich getroost om weer beweging in de zaak te krijgen, vraagt de lezeres hoeveel belang beide partijen hebben bij nieuwe onderhandelingen.

Monique: "De Palestijnen hebben een groot belang, zij hebben dagelijks te lijden onder de bezetting, en veel te verliezen als deze poging mislukt. In Israel zijn veel mensen tevreden met de status quo, er vallen immers weinig doden en de bezetting is ver weg achter de muur. Er zijn wel mensen, een minderheid, die beseffen dat de bezetting tegen Israel gaat werken en niet vol te houden is."

Wat hebben de luisteraars hiervan geleerd?

  1. De Palestijnen leven onder een bezetting waar ze dagelijks onder lijden en verliezen steeds meer land. Zij willen dan ook graag dat er vrede komt en de onderhandelingen gaan slagen.
  2. Israel zit niet zo te wachten op vrede en onderhandelingen en vindt het wel best zo. Israel is sterker en kan daarom redelijk ongestoord zijn gang gaan.
  3. Kerry is nieuw en idealistisch en doet enorm zijn best, maar of het gaat lukken is maar zeer de vraag.

Waaruit bijna automatisch volgt dat wanneer deze poging wederom niet zal slagen dat vooral aan Israel is te wijten, en dat wellicht meer druk op Israel nodig is om wel tot een oplossing te komen. Wanneer de sterkere partij niet wil helpt alleen druk van buiten van een nog sterkere partij. Lijkt allemaal heel logisch. Dit is het beeld dat de NOS consequent naar buiten brengt: de Palestijnen zijn machteloos maar welwillend, Israel is meer geïnteresseerd in land en nederzettingen dan in vrede en de internationale gemeenschap en ook de VS laten hun tanden veel te weinig zien, waardoor Israel haar gang kan blijven gaan. Zelfs Hamas wordt vaak als gematigder en redelijker voorgesteld dan zij feitelijk is.

Daarbij negeert men het feit dat de Palestijnen, als de zogenaamd zo zwakke partij, juist steeds voorwaarden stellen aan onderhandelingen. Als de nood voor hun zo hoog is, waarom doen ze dat dan? Als er door de bezetting en nederzettingen echt steeds meer land wordt afgesnoept (er wordt alleen binnen gemeentegrenzen gebouwd dus dat klopt feitelijk al niet) dan zou je zeggen dat je zo snel mogelijk moet gaan praten en overeenstemming bereiken over de grenzen, zodat er niet meer op wat dan jouw land is gebouwd kan worden. Alan Dershowitz heeft hier eerder al voorstellen voor gedaan, maar die zijn blijkbaar een zachte dood gestorven of liggen in Abbas' la te verstoffen. Wanneer Abbas een voorstel van Dershowitz zou accepteren of als basis inbrengen, kan Israel niet veel anders dan erin meegaan.

Nieuws dat niet met het beeld dat de NOS uitdraagt overeen komt wordt echter genegeerd, en zo ook Dershowitz' voorstel, dat ik nergens in de mainstream media ben tegengekomen.

Ik las vandaag in The Times of Israel:

A sketched map of Israeli prime minister Ehud Olmert's land-for-peace offer to Palestinian Authority President Mahmoud Abbas in 2008 — hurriedly drawn up by Abbas after a meeting with Olmert that December, and made public for the first time on Thursday — suggests that Israel was prepared to withdraw to borders very similar to the pre-1967 lines and swap areas of northern and southern Israel in return for maintaining the larger settlement blocs.

The map, published by Walla news in Hebrew and at TheTower.org in English, was based on an offer Olmert made to Abbas on December 16, 2008, during a meeting in Jerusalem. 

Olmert bood Abbas daarin bijna de gehele Westoever en de Gazastrook met een corridor tussen beide, een nagenoeg één op één landruil en deling van Jeruzalem met gemeenschappelijk beheer van de heilige plaatsen. Abbas heeft nooit officieel gereageerd op dit voorstel maar heeft de Washington Post in 2009 verteld dat het onvoldoende was. Wel hebben de Palestijnen een tegenvoorstel gedaan waarin een landruil van 1,9% werd voorgesteld. Dit voorstel kwam indertijd prominent in het NOS journaal en werd gepresenteerd als een zeer vergaand voorstel waaruit blijkt dat de Palestijnen vrede willen (overigens werd het na felle kritiek gedeeltelijk teruggenomen. Het was een 'take it or leave it' voorstel en Israels voorstel om op grond van de gedane voorstellen van beide kanten verder te praten werd afgewezen). Over Olmerts voorstel dat jaren geleden al naar buiten kwam, werd door de NOS gezwegen. Ook in andere media kreeg het nauwelijks aandacht. Het is een vergaand voorstel dat ook in Israel de nodige kritiek kreeg omdat men het te ver vond gaan. Maar anders dan de Palestijnse onderhandelaars heeft Olmert er niks van teruggenomen na de kritiek, en Livni (die met de Palestijnen onderhandelde namens Olmert) zit nu weer in de regering met als doel namens de regering de onderhandelingen met de Palestijnen te voeren.

Van Palestijnse kant wordt vaak beweerd dat Abbas niet genoeg tijd kreeg om te reageren (kort daarna begon de Gaza oorlog en verbrak de PA alle kontakten) en dat Olmert erg onder vuur lag en het plan daarom toch niet meer had kunnen uitvoeren. Abbas heeft inmiddels meer dan vier jaar de tijd gehad te reageren; hij had op elk gewenst moment kunnen zeggen dat hij alsnog interesse heeft in het plan en op deze basis wil gaan praten. Netanyahu heeft altijd gezegd zonder voorwaarden vooraf te willen onderhandelen. Abbas had ook in het geheim aan Olmert kunnen laten weten dat als de rookwolken zijn opgetrokken hij graag over het plan verder wou praten. Kortom, als hij serieus interesse had gehad en dit als een basis voor vrede zag dan had hij dat kunnen laten weten, en dan was het voor Israel, ook onder Netanyahu, waarschijnlijk lastig geweest om er nog onderuit te komen. De druk op Israel zou in dat geval gigantisch zijn geweest, en een substantieel deel van de Israelische bevolking zou van mening zijn dat men deze kans niet mag laten liggen. Maar Abbas liet niks meer van zich horen en het plan belandde in de ijskast. Internationaal en door de Palestijnen genegeerd verloor het ook voor Israel zijn waarde.

Ondertussen halen de Palestijnen en internationale gemeenschap steeds maar weer het Arabische vredesplan uit de kast. Het is een plan dat grossiert in ambiguïteit, en is met name onduidelijk over de vluchtelingen. Er moet een 'rechtvaardige oplossing komen voor het vluchtelingenprobleem' waarbij naar VN resolutie 194 wordt verwezen, die door de Arabieren wordt geïnterpreteerd als een onbeperkt recht op terugkeer. Er is nooit eenduidig gezegd dat men van dit 'recht' afziet en er is ook nooit duidelijk gezegd dat twee staten voor twee volken uitgangspunt is. Sterker nog, Palestijnse onderhandelaars hebben herhaaldelijk laten weten tegen het principe van twee staten voor twee volken te zijn. Men is voor de stichting van een Palestijnse staat binnen de pre-1967 wapenstilstandslijnen, met geheel Oost Jeruzalem inclusief de heilige plaatsen als hoofdstad. Men spreekt zich daarbij uit tegen Israel als Joodse staat. De PA heeft ook regelmatig laten doorschemeren een Joods volk niet te erkennen, laat staan een Joodse claim op een deel van het land.

Om deze redenen, en ook omdat gemaakte afspraken in het verleden (door Arafat met name) niet werden nagekomen, is Israel terughoudend geworden, en wantrouwt men de bedoelingen achter het Arabische vredesplan. Immers, ook in de Arabische wereld wordt het bestaan van een Joods volk met een legitieme claim op het land ontkend, en ook in de Arabische wereld spreekt men zich vaak uit tegen Israels bestaansrecht (sterker nog, de meest walgelijke antisemitische propaganda doet de ronde, waarbij soms letterlijk tot de dood van alle Joden wordt opgeroepen). Maar dat alles haalt onze media nauwelijks, en als er al eens iets over wordt vermeld, wordt het afgedaan als 'voor binnenlandse consumptie'. Nieuws dat niet overeen komt met het beeld dat de dames en heren journalisten hebben van het conflict en de betrokken partijen is domweg niet interessant en niet van belang. Wie echt wil weten hoe het zit, kan beter zijn TV wegdoen en krantenabonnement opzeggen en in plaats daarvan op internet ongefilterd nieuws lezen of beter nog, zelf in de regio gaan kijken en met mensen van beide kanten praten.

Ratna Pelle

 

Onderzoeksrapport EO - "Israël: uit het oog, uit het hart"

 
Naar aanleiding van Israels 65-jarig bestaan heeft de EO een onderzoek laten doen naar de kennis over en houding ten opzichte van de staat Israel. De kennis houdt niet over en het begrip en sympathie nemen af, mede door de eenzijdige berichtgeving in de media, de ontkerkelijking, en het feit dat de oorlog en de omstandigheden waaronder Israel is opgericht steeds verder in het verleden liggen en de jongere generaties hiervan steeds minder op de hoogte zijn.
 
Het onderzoeksrapport is hier te vinden.
 
Op de EO website staan bij beide artikelen ook video's over het onderwerp, met o.a. reacties van Esther Voet, Roelof Bisschop en de Israelische ambassadeur.
 
Wouter
______________
 
 
VIDEO | Nederlanders weten weinig over Israël
Bekijk het volledige onderzoeksrapport

EO / 22-05-2013

http://www.eo.nl/geloven/programma/israel-65/item/artikel/nederlanders-weten-weinig-over-israel/

De EO liet in het kader van het 65-jarig bestaan van de staat Israël onderzoeken hoe Nederland tegen Israël, Joden en hun geloof aankijkt. Grote verdeeldheid komt daarbij aan het licht. De grote meerderheid wijst antisemitisme resoluut van de hand, maar ten aanzien van de toekomst van het land en de verbondenheid van de Nederland daaraan lopen de meningen sterk uiteen.

Ook Nederlandse moslims zijn in het onderzoek betrokken en opvallend genoeg is de meerderheid van hen voor de zogenaamde 2-staten oplossing. Verder valt op dat het Joodse geloof door de meeste Nederlanders positief bejegend wordt. Dat is een groot verschil ten aanzien van de islam: grote groepen Nederlanders denken zeer negatief over deze religie.
 
Het volledige rapport is hier te downloaden. De hoofdlijnen op een rijtje:

  • Nederlanders zijn verdeeld over Israël. Een derde van de Nederlanders is negatiever gaan denken over de politiek in Israël, maar de meerderheid wil streng optreden tegen antisemitisme. Nog eens een derde heeft een positieve houding naar Joden, maar dat is gelijk aan hun houding naar andere religies. 1 op de 7 Nederlanders is vrij positief over Israël. Jongeren zijn negatiever.
  • Er is veel onwetendheid over Israël. Weinig mensen volgen het conflict, veel mensen zijn 'neutraal' in hun houding. Feitelijk is er weinig bekend over ontstaansgeschiedenis van Israël.
  • Christenen zijn overwegend positiever richting Israël en de Joden, maar dit geldt vooral voor protestanten. Katholieken zien het huidige Israël minder vaak als voortzetting van het Israël uit de Bijbel.


Download het volledige onderzoek (PDF).

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

Nederlanders negatiever over Israël

EO / 16 mei 2013

 
Ruim een derde van de Nederlanders is negatiever gaan denken over Israël. Dat blijkt uit een onderzoek in opdracht van de EO in het kader van het 65-jarig bestaan van de staat.

Esther Voet, directeur van het Centrum Informatie en Documentatie Israël, verbaast zich niet over de uitslagen. Ze wijt de kritiek aan de politieke situatie rondom de bezette gebieden. 'Maar mensen moeten wel verschil maken tussen het beleid van de regering van Israël, en Israël het land.'

Beeldvorming
Ook voor Roelof Bisschop, kamerlid voor de SGP en vriend van Israël, komt de uitslag niet onverwacht. 'De media is ook redelijk kritisch op Israël, en het verbaast ons niet dat in het kielzog daarvan de publieke opinie ook kritischer wordt over Israël. Als er duizend raketten op Israël terechtkomen, hoor je daar nauwelijks iets over.'

Christenen
Uit het onderzoek blijkt ook dat in de kritiek op Israël er geen verschil is tussen christenen en niet-christenen. Protestanten zijn wel overwegend positiever over Israël dan katholieken.

Moslims
De houding van Nederlanders tegenover Joden was niet positiever of negatiever dan tegenover andere geloven. Een opmerkelijk verschil was er alleen met moslims. Maar liefst 41 procent van de Nederlanders was (zeer) negatief over moslims. Ook daarin was er geen verschil tussen christelijke en niet-christelijke Nederlanders.